tyrepas.eu

Wat vraagt een toezichthouder bij een controle op banden?

Toezichthouders vragen vooral: kun je aantonen dat het product voldoet

Een toezichthouder die banden controleert, vraagt in de kern om bewijs: bewijs dat het product aan de geldende eisen voldoet, bewijs van wie het op de markt heeft gebracht, en bewijs dat er iemand aanspreekbaar is als er iets mis is. Verordening (EU) 2019/1020 regelt dit markttoezicht voor producten in het algemeen, en geeft toezichthoudende autoriteiten de bevoegdheid om documentatie op te vragen, controles uit te voeren en corrigerende maatregelen te eisen als een product niet conform is. Voor banden die straks onder het digitale productpaspoort van de ESPR vallen, komt daar een informatieplicht bij: artikel 27 van Verordening (EU) 2024/1781 verplicht fabrikanten om technische documentatie en een EU-conformiteitsverklaring beschikbaar te houden, en om desgevraagd informatie aan de toezichthoudende autoriteit te verstrekken. Een controle draait dus niet om één document, maar om de vraag of de hele keten — van fabrikant tot importeur — kan laten zien waar het product vandaan komt en dat het aan de regels voldoet.

Voor wie dit geldt, en voor wat nog niet

Deze vraagstelling geldt voor economische operatoren in de zin van 2019/1020: fabrikanten, importeurs en distributeurs die producten op de EU-markt brengen, dus ook partijen die banden importeren of verhandelen. De algemene markttoezichtbevoegdheden uit die verordening gelden al, ongeacht of een productgroep al specifieke ESPR-eisen heeft. Wat nog niet geldt, is de aanvullende informatieplicht uit artikel 27 van de ESPR specifiek voor banden: die eis wordt pas van toepassing zodra er voor banden een gedelegeerde handeling is vastgesteld en in werking getreden. Zolang die er niet is, kan een toezichthouder dus wel vragen naar algemene conformiteit en documentatie onder 2019/1020, maar niet naar een digitaal productpaspoort dat er voor banden nog niet is. Dat onderscheid is relevant: een controle nu is niet hetzelfde als een controle na inwerkingtreding van de bandenspecifieke eisen.

De datum staat nog niet vast

Er is nog geen vastgestelde ingangsdatum voor de ESPR-eisen aan banden, en dus ook niet voor een eventuele DPP-gerelateerde vraag bij een controle. Volgens het ESPR-werkprogramma 2025-2030 wordt een gedelegeerde handeling voor banden verwacht in 2027; pas na publicatie van die handeling volgt een concrete toepassingsdatum. Tot die tijd blijft het algemene markttoezicht onder Verordening (EU) 2019/1020 het kader waarbinnen een toezichthouder controleert, zonder de aanvullende eisen die de ESPR later voor banden zal toevoegen. Zodra de gedelegeerde handeling gepubliceerd is, wordt hier de datum vermeld.

Hoe dit in de praktijk aangepakt wordt

De eerste vraag die een toezichthouder doorgaans stelt, is wie de economische operator is: wie heeft het product op de markt gebracht en wie is aanspreekbaar. Daarna volgt de vraag naar documentatie: technische bestanden, conformiteitsverklaringen en, waar van toepassing, informatie over de herkomst en samenstelling van het product. Het is verstandig om deze documentatie centraal en actueel bijgehouden te hebben, zodat ze op verzoek snel beschikbaar is — niet pas op het moment dat een controle al loopt. Voor bedrijven die te maken krijgen met het toekomstige productpaspoort betekent dit ook: nagaan welke gegevens de fabrikant of importeur al aanlevert, en of die gegevens tien jaar toegankelijk blijven zoals bedoeld is voor het paspoort. Wie deze structuur nu al op orde brengt, hoeft bij een toekomstige controle niet improviseren, want de basisvraag van een toezichthouder verandert niet: kun je laten zien dat het klopt, en kun je zeggen wie ervoor instaat.

Waar dit uit volgt: 2019/1020 en artikel 27 van de ESPR

De bevoegdheid van toezichthouders om documentatie en conformiteitsbewijs op te vragen, volgt uit Verordening (EU) 2019/1020, die het algemene kader voor markttoezicht en productconformiteit in de EU vastlegt. De aanvullende verplichting voor fabrikanten om technische documentatie en een EU-conformiteitsverklaring bij te houden en op verzoek te verstrekken, volgt uit artikel 27 van Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR). Deze laatste verplichting wordt voor een specifieke productgroep zoals banden pas van kracht na vaststelling van de bijbehorende gedelegeerde handeling, die volgens het ESPR-werkprogramma 2025-2030 in 2027 wordt verwacht.

Wie nu al wil voorsorteren, kan het beste beginnen met het op orde brengen van de basisdocumentatie die onder het huidige markttoezicht al wordt gevraagd — wie het product op de markt heeft gebracht, en welk bewijs van conformiteit beschikbaar is — en de ontwikkelingen rond de gedelegeerde handeling voor banden volgen, zodat de overstap naar de aanvullende ESPR-eisen geen verrassing is zodra de datum wel vaststaat.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

Een controle door de markttoezichthouder draait om één simpele vraag: kunt u aantonen dat het product voldoet aan wat er over is afgesproken. Verordening (EU) 2019/1020 geeft de toezichthouder de bevoegdheid om die vraag te stellen en om documenten, monsters of toegang te vorderen. Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), artikel 27, legt daarbovenop vast welke verplichtingen specifiek bij de fabrikant liggen. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers komt dat neer op een aantal concrete verwachtingen.

Aantonen dat het product voldoet

De toezichthouder vraagt in de eerste plaats om bewijs, niet om beloftes. Dat betekent dat er iets moet liggen — een dossier, een verklaring, testresultaten — waarmee een bedrijf kan laten zien dat de bevindingen over het product klopt met wat er wordt beweerd. Voor een middelgroot bedrijf betekent dit vaak dat deze informatie niet bij één persoon in een mailbox zit, maar ergens vindbaar is voor wie hem morgen moet opvragen.

Meewerken aan het verzoek binnen de gestelde termijn

Verordening (EU) 2019/1020 geeft de toezichthouder de mogelijkheid om een termijn te stellen waarbinnen informatie moet worden aangeleverd. Voor een bedrijf zonder juridische afdeling is de praktische kant hiervan dat er iemand is die weet waar de gevraagde stukken staan en die bevoegd is om ze te delen, zonder dat eerst drie afdelingen langs moeten.

Herkennen van het eigen product in de keten

Een fabrikant of importeur moet kunnen aangeven van wie een product is ontvangen en aan wie het is doorgeleverd. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar bij bandenimport via meerdere tussenhandelaren is dit niet altijd op te lossen met een blik in de administratie. Wie meerdere vestigingen heeft, loopt hier makkelijk tegenaan: kunnen meerdere vestigingen van mijn bedrijf hetzelfde productpaspoort beheren is dan geen theoretische vraag maar een die bepaalt of de keteninformatie centraal of versnipperd beschikbaar is.

Corrigerende maatregelen kunnen nemen

Als een toezichthouder vaststelt dat een product niet voldoet, hoort daar doorgaans een vervolgstap bij: informeren, aanpassen, terughalen. Verordening (EU) 2019/1020 beschrijft dit als onderdeel van het toezicht, en artikel 27 van de ESPR legt de verantwoordelijkheid hiervoor bij de fabrikant. Dit raakt direct aan de vraag helpt het productpaspoort bij een recall van banden en hoe werkt dat — een paspoort dat de juiste partijen en batches koppelt, maakt het makkelijker om te bepalen welke banden het betreft.

Waar het misgaat in de praktijk

Een aantal situaties komt in de praktijk steeds terug.

De informatie bestaat, maar niemand weet waar. Gegevens over een productielot staan in een e-mail van drie jaar geleden, bij een medewerker die inmiddels is vertrokken. Op het moment dat de toezichthouder vraagt, is er geen tijd om dit alsnog te reconstrueren.

De keteninformatie stopt bij de eigen voordeur. Een groothandel kan zeggen van wie de banden zijn gekocht, maar niet meer waar ze daarvoor vandaan kwamen — terwijl de vraag van de toezichthouder juist op die herkomst gericht kan zijn.

Er wordt gerekend op de leverancier, maar niemand heeft dat bevestigd. Een importeur gaat ervan uit dat de fabrikant in het land van herkomst de technische documentatie heeft, zonder dit ooit gecontroleerd te hebben. Bij een verzoek blijkt de documentatie onvolledig of niet op te vragen binnen een redelijke termijn.

Er is geen aanspreekpunt aangewezen. Bij een controle wordt om een naam en functie gevraagd. Een bedrijf dat dit nooit heeft vastgelegd, verliest tijd aan de vraag wie er eigenlijk verantwoordelijk is voor de reactie.

Voorraad en documentatie lopen niet synchroon. Oudere voorraad is ingekocht onder andere voorwaarden dan recentere partijen, maar in de administratie is dat onderscheid niet meer terug te vinden. Dit speelt met name bij de vraag wat doe ik met voorraad banden die er al ligt als de regels ingaan — zonder een helder onderscheid tussen partijen is niet meer te zeggen welke documentatie bij welke banden hoort.

Wat u kunt vastleggen

Een aantal zaken is met beperkte inspanning vast te leggen, en maakt het verschil tussen een controle die soepel verloopt en een die vertraging oplevert.

  • Een overzicht van leveranciers en afnemers per productlijn of batch, zodat de herkomst en bestemming van een partij banden snel is te reconstrueren.
  • Een aangewezen contactpersoon (met vervanger) die weet welke documentatie er is en waar die staat.
  • Een dossier per productgroep met de onderliggende technische gegevens, ook als die oorspronkelijk door de fabrikant zijn aangeleverd.
  • Een vaste plek waar deze gegevens worden bewaard, los van de vraag of het platform van de leverancier dat ook doet — de vraag moet ik zelf een kopie bewaren van de gegevens die in het productpaspoort staan is hier relevant, omdat afhankelijkheid van één partij bij een controle een kwetsbaar punt kan zijn.
  • Een korte interne afspraak over wie binnen het bedrijf reageert op een verzoek van een toezichthouder, en binnen welke stappen dat verzoek wordt opgepakt.

Wie dit nu al inricht, ook zonder dat alle regelgeving definitief is uitgewerkt, bouwt aan een basis die bij een controle bruikbaar is. Meer hierover staat bij wat kan ik nu al doen terwijl de regels nog niet definitief zijn. En voor wie nog moet bepalen hoe dit praktisch wordt opgezet, is het traject beschreven bij hoe pak ik het productpaspoort voor banden stap voor stap aan.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.