tyrepas.eu

Wie mag welke gegevens uit het productpaspoort inzien?

Toegang tot het paspoort verloopt in lagen, niet alles voor iedereen

Wie welke gegevens uit het digitale productpaspoort mag inzien, hangt af van het type gegeven en van de rol van degene die kijkt. De ESPR werkt niet met één openbaar paspoort waarin iedereen dezelfde informatie ziet, maar met een gelaagd systeem: sommige gegevens zijn voor iedereen toegankelijk zodra iemand de QR-code scant, andere gegevens zijn alleen zichtbaar voor partijen met een aantoonbaar belang, zoals reparateurs, marktdeelnemers verderop in de keten, of toezichthoudende en douaneautoriteiten. Welke gegevens in welke laag vallen, wordt per productgroep vastgelegd. Voor banden ligt die indeling nog niet vast, omdat de gedelegeerde handeling die dit voor banden concreet maakt nog niet is gepubliceerd.

Voor banden geldt het algemene kader, niet al de details

Artikel 10 en artikel 11 van de ESPR beschrijven het algemene systeem: dat er onderscheid gemaakt wordt tussen het brede publiek en partijen met een specifiek belang, en dat het technisch ontwerp van het paspoort dit onderscheid moet kunnen ondersteunen. Dat kader geldt voor alle productgroepen die onder het digitaal productpaspoort komen te vallen, dus ook voor banden. Wat er nog niet uit deze artikelen volgt, is de precieze verdeling voor banden zelf: welk gegeven — bijvoorbeeld het rolweerstandscijfer, het productiejaar, gegevens over grondstoffen, of reparatie- en onderhoudsinformatie — in de openbare laag komt en welk gegeven wordt afgeschermd voor specifieke partijen. Die invulling is voorbehouden aan de productspecifieke gedelegeerde handeling voor banden. Dit artikel gaat dus over het bestaande onderscheid tussen toegangsniveaus in de ESPR, niet over een kant-en-klare toegangsmatrix voor banden.

De datum staat nog niet vast, het kader wel

Er is nog geen vaste datum waarop de toegangsregels voor het bandenpaspoort concreet worden. Volgens het werkplan van de ESPR voor de periode 2025-2030 wordt de gedelegeerde handeling voor banden verwacht in 2027; de eerste verplichtingen voor bandenpaspoorten worden rond 2029 verwacht. Beide data zijn indicaties uit het werkplan, geen vaststaande verplichting. Tot de gedelegeerde handeling voor banden is gepubliceerd, bestaat er voor banden geen wettelijk vastgelegde verdeling van gegevens over toegangsniveaus. Wat wel vaststaat, is het onderliggende systeem uit artikel 10 en 11 van de ESPR: een paspoort met gedifferentieerde toegang, gedragen door een technisch ontwerp dat dit onderscheid mogelijk maakt. Zodra de gedelegeerde handeling voor banden is gepubliceerd, wordt de indeling voor bandengegevens hier concreet gemaakt.

Wat een importeur of groothandel hier nu mee kan

Voor wie nu al met bandenpaspoorten te maken krijgt of zich erop voorbereidt, is het zinvol om alvast onderscheid te maken tussen soorten gegevens die in de eigen administratie staan: gegevens die naar hun aard voor iedereen bedoeld lijken (zoals productkenmerken die nu al op het etiket staan), en gegevens die eerder voor een beperkte kring relevant zijn (zoals gedetailleerde samenstellingsgegevens, testrapporten, of gegevens die raken aan bedrijfsvertrouwelijke informatie). Die indeling hoeft nog niet definitief te zijn, maar helpt om straks snel te kunnen schakelen zodra de gedelegeerde handeling voor banden duidelijk maakt welke laag bij welk gegeven hoort. Daarnaast is het praktisch om na te denken over wie binnen de eigen organisatie of keten welke gegevens aanlevert, en hoe die aanlevering aansluit bij een systeem met verschillende toegangsniveaus — dat is iets anders dan het huidige etiket, waarbij alle informatie voor iedereen gelijk zichtbaar is. Tot slot is het volgen van de publicatie van de gedelegeerde handeling voor banden de meest concrete stap: pas dan wordt zichtbaar welke gegevens straks voor het brede publiek zijn en welke voor specifieke partijen zoals toezichthouders, douane of professionele gebruikers in de keten.

Waar dit op is gebaseerd: artikel 10 en 11 ESPR

Het onderscheid tussen toegang voor het brede publiek en toegang voor partijen met een specifiek belang volgt uit artikel 10 van Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), dat de vereisten voor het digitale productpaspoort beschrijft. Artikel 11 van dezelfde verordening beschrijft het technisch ontwerp en de werking van het paspoort, waaronder de manier waarop het systeem verschillende toegangsrechten moet kunnen faciliteren. Welke gegevens voor banden specifiek in welke laag vallen, wordt vastgelegd in de nog te publiceren productspecifieke gedelegeerde handeling voor banden, die volgens het ESPR-werkplan 2025-2030 wordt verwacht in 2027.

Wat nu te doen

Wie bandengegevens beheert, kan nu alvast in kaart brengen welke gegevens er zijn, en die losjes indelen naar mate van gevoeligheid, zonder daar al definitieve conclusies aan te verbinden. Het volgen van de publicatie van de gedelegeerde handeling voor banden — via de officiële EU-bronnen — is de manier om op tijd te weten welke gegevens straks openbaar zijn en welke beperkt toegankelijk blijven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

Het productpaspoort is niet één brok data die iedereen in dezelfde vorm te zien krijgt. De ESPR maakt onderscheid tussen wie welke laag van de informatie kan raadplegen, en dat onderscheid is precies waar bedrijven in de praktijk tegen vastlopen. Artikel 10 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) bepaalt welke gegevens toegankelijk moeten zijn en voor wie, en artikel 11 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) regelt hoe die toegang technisch wordt ingericht via de datadrager en het onderliggende registratiesysteem.

Onderscheid maken tussen publieke en beperkte toegang

Een deel van de gegevens in het paspoort is bedoeld voor iedereen die de QR-code scant: de eindgebruiker, de garage, de particuliere koper. Een ander deel is bedoeld voor partijen met een specifieke rol in de keten, zoals markttoezichthouders of douane. Voor een bandenimporteur of groothandel betekent dit dat niet automatisch alles wat wordt aangeleverd ook publiek zichtbaar wordt. Welke categorie precies bij welk publiek horen, hangt af van de gedelegeerde handeling voor banden die de productgroep specifiek moet invullen. Een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers doet er praktisch aan om bij het aanleveren van gegevens aan een paspoortdienst te laten vastleggen welke velden als publiek en welke als beperkt zijn bedoeld, in plaats van dat achteraf te laten uitzoeken.

Zorgen dat de juiste partij bij de juiste laag komt

Artikel 11 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) beschrijft dat het technisch ontwerp van het paspoort een gelaagde toegang mogelijk moet maken: de QR-code op de band leidt naar een basisniveau, terwijl toezichthouders en andere bevoegde partijen via een ander toegangspad bij meer gedetailleerde gegevens kunnen komen. Voor een importeur betekent dit dat de keuze voor een paspoortdienst ook een keuze is voor hoe die gelaagde toegang technisch wordt ingericht. Een dienst die alle gegevens plat achter één QR-code zet, voldoet niet aan wat artikel 11 beoogt, en dat risico ligt uiteindelijk bij de partij die verantwoordelijk is voor het paspoort, niet bij de dienstverlener alleen.

Bedrijfsgevoelige informatie afschermen zonder de verplichting te ontlopen

Een deel van de gegevens die een fabrikant of importeur aanlevert, kan concurrentiegevoelig zijn: samenstellingen, testmethoden, leveranciersrelaties. Artikel 10 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) erkent dat niet alle onderliggende informatie publiek hoeft te zijn, maar dat ontslaat een bedrijf niet van de verplichting om de gegevens die wél voor het publiek of de toezichthouder bedoeld zijn, correct aan te leveren. Wat wel en niet als bedrijfsgevoelig kan worden behandeld, en hoe dat zich verhoudt tot de verplichting om gegevens te delen, wordt uitgebreider behandeld op de pagina over of bedrijfsgevoelige gegevens over banden openbaar moeten worden gemaakt.

Toegang laten aansluiten op wat er daadwerkelijk in het paspoort staat

De vraag wie welke gegevens mag zien, hangt onvermijdelijk samen met de vraag welke gegevens er überhaupt in het paspoort staan. Een bedrijf dat nog moet bepalen welke velden verplicht zijn voor banden, doet er goed aan eerst dat overzicht scherp te krijgen via de pagina over welke gegevens er in het productpaspoort van banden komen, voordat het een toegangsstructuur inricht die daar niet op aansluit.

Waar het misgaat in de praktijk

Een groothandel laat een paspoortdienst alle aangeleverde gegevens standaard publiek zetten, inclusief interne testresultaten die niet voor de eindgebruiker waren bedoeld, omdat niemand vooraf had aangegeven welke velden beperkt moesten blijven.

Een importeur gaat ervan uit dat marktoezicht via dezelfde QR-code toegang krijgt als de consument, en richt daarom geen apart toegangspad in — met als gevolg dat een controle vertraagt omdat de toezichthouder niet bij de onderliggende technische documentatie kan.

Een bedrijf verwart het onderscheid tussen "wie het paspoort mag lezen" en "wie het paspoort mag wijzigen", en geeft een externe partij leesrechten die per ongeluk ook schrijfrechten omvatten, met risico op ongeautoriseerde aanpassingen.

Een wagenparkbeheerder krijgt van een leverancier alleen een algemene link naar het paspoort, zonder dat duidelijk is welk deel van de informatie specifiek voor de gebruiker van de band is bedoeld en welk deel voor toezicht — met verwarring over wat relevant is voor onderhoud en vervanging.

Een fabrikant behandelt de rubbersamenstelling als volledig openbaar omdat die nu eenmaal in het paspoort staat, zonder te onderzoeken of dat specifieke veld onder een beperkte toegangscategorie kan vallen; wie dat wil uitzoeken, vindt meer achtergrond op de pagina over welke gegevens over de rubbersamenstelling vastgelegd moeten worden.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van welke velden in het paspoort publiek toegankelijk zijn en welke onder beperkte toegang vallen, afgestemd met de paspoortdienst bij het aanleveren van gegevens.
  • Een interne afspraak over wie binnen het bedrijf welke rechten heeft: lezen, aanleveren, of wijzigen van gegevens in het paspoort.
  • Documentatie over hoe de gelaagde toegang technisch is ingericht door de gekozen paspoortdienst, zodat dit bij een controle kan worden getoond.
  • Een overzicht van welke gegevens als bedrijfsgevoelig zijn aangemerkt en op basis van welke overweging dat is gebeurd.
  • Een vastgelegde procedure voor wat er gebeurt als gegevens na publicatie moeten worden aangepast, inclusief wie daarvoor toegang heeft — meer hierover staat op de pagina over of gegevens aangepast kunnen worden nadat het productpaspoort al gepubliceerd is.
  • Een contactpunt binnen het bedrijf dat vragen van toezichthouders over toegang tot specifieke gegevenslagen kan beantwoorden.

Zodra de gedelegeerde handeling voor banden is gepubliceerd, zal daarin waarschijnlijk specifieker staan welke gegevenscategorieën publiek zijn en welke beperkt, en welke partijen precies tot de groep met verruimde toegang horen. Tot die tijd is het vastleggen van de eigen keuzes en de onderbouwing daarvan het meest concrete wat een bedrijf kan doen.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.