tyrepas.eu

kan ik dezelfde gegevens gebruiken voor meerdere bandmaten van hetzelfde model

Gedeelde inhoud kan, maar de identificatiecode blijft per uitvoering apart

Nee, niet zomaar op de manier waarop de vraag meestal bedoeld is. De productinformatie die inhoudelijk voor een hele reeks bandmaten identiek is — denk aan materiaalsamenstelling, testmethoden, algemene productbeschrijving — kan in de praktijk uit dezelfde bron komen en hoeft niet voor elke maat opnieuw te worden opgesteld. Maar het productpaspoort zelf, als geheel met zijn eigen unieke identificatiecode, is gekoppeld aan een specifieke uitvoering van een product. Eén en dezelfde paspoort-invulling voor meerdere bandmaten van hetzelfde model gebruiken, zonder onderscheid in de identificatiecode, is niet wat de regeling voor ogen heeft.

Voor wie dit geldt en waar het onderscheid zit

Dit onderwerp speelt voor iedere partij die paspoorten samenstelt voor een productlijn met varianten: hetzelfde model band, maar in verschillende maten, belastingsindexen of snelheidsklassen. De vraag is dan steeds: is dit één product met kleine verschillen, of zijn het verschillende producten die ieder hun eigen paspoort nodig hebben? Het antwoord ligt niet in het model of de merknaam, maar in de vraag of de bandmaat (en de eigenschappen die daarmee samenhangen, zoals belasting en snelheid) een aparte uitvoering vormt. Meer over die koppeling tussen maat en identiteit staat beschreven op de pagina over hoe de bandenmaat zich verhoudt tot de unieke identificatiecode. Wat hier niet onder valt: het hergebruiken van tekst, testresultaten of duurzaamheidsclaims als zodanig. Die inhoud mag gedeeld en herbruikt worden voor zover die feitelijk voor meerdere uitvoeringen geldt — dat is geen probleem. Het probleem ontstaat pas als die hergebruikte inhoud onder één en dezelfde identificatiecode wordt gepubliceerd voor producten die eigenlijk als afzonderlijke uitvoeringen te onderscheiden zijn.

Wanneer dit ingaat en wat er nu al vaststaat

Een harde ingangsdatum voor de bandensector staat nog niet vast. De ESPR zelf, Verordening (EU) 2024/1781, is al in werking, maar de gedelegeerde handeling die de concrete eisen voor banden vastlegt — inclusief de precieze werking van de identificatiecode voor dit product — is nog niet gepubliceerd. Het werkplan van de Europese Commissie voor 2025-2030 noemt 2027 als verwacht moment voor die gedelegeerde handeling. Zodra die tekst er is, wordt hier de datum aangevuld. Tot die tijd staat het principe uit artikel 12 van de ESPR al wel vast: elk product krijgt een unieke identificatiecode, en die code is de sleutel waarmee een paspoort aan een specifiek product wordt gekoppeld. Dat uitgangspunt verandert niet meer; alleen de bandenspecifieke uitwerking (welke kenmerken een aparte uitvoering maken) moet nog verschijnen.

Hoe dit in de praktijk aan te pakken

Wie nu al paspoorten voorbereidt voor een reeks bandmaten, doet er goed aan eerst te bepalen welke gegevens per maat daadwerkelijk verschillen — denk aan belastingsindex, snelheidscode, afmetingen, gewicht — en welke gegevens generiek zijn voor het hele model, zoals rubbersamenstelling of algemene testmethodiek. De generieke inhoud kan één keer worden opgesteld en per paspoort worden herbruikt; dat bespaart werk. Vervolgens krijgt elke maat, als afzonderlijke uitvoering, zijn eigen unieke identificatiecode en dus zijn eigen paspoort-instantie, ook als de onderliggende tekst grotendeels overeenkomt. Praktisch betekent dit dat het systeem waarin de paspoorten worden samengesteld idealiter een structuur heeft waarin gedeelde velden op productlijn-niveau worden beheerd, en variabele velden op maat-niveau. Wie hiervoor het eigen ERP- of voorraadsysteem wil inzetten, vindt meer over die koppeling op de pagina over het koppelen van het productpaspoort aan een ERP- of voorraadsysteem. Daarna volgt de vraag hoe de identificatiecode praktisch wordt toegekend en verwerkt in de QR-datadrager; dat proces staat beschreven op de pagina over hoe elk product een unieke identificatiecode krijgt. Wie twijfelt of een bepaalde maatvariant als apart product geldt of als kleine variatie binnen dezelfde uitvoering, doet er goed aan die vraag vroeg in het proces te beleggen — vóór de QR-codes zijn gedrukt en op de banden zijn aangebracht, niet erna.

De basis: artikel 11 en artikel 12 van de ESPR

Artikel 12 van Verordening (EU) 2024/1781 verplicht tot een unieke identificatiecode per product, waarmee het paspoort aan dat specifieke product wordt gekoppeld. Artikel 11 beschrijft de technische inrichting van het paspoort zelf en de manier waarop gegevens toegankelijk moeten zijn via die code. Uit de combinatie van beide artikelen volgt dat de identificatiecode niet los te zien is van het onderliggende product: de code is er juist om een uitvoering te onderscheiden van andere uitvoeringen. De precieze afbakening van wat als "hetzelfde product" en wat als "andere uitvoering" geldt voor banden specifiek, moet nog uit de gedelegeerde handeling blijken.

Wie nu al paspoorten voorbereidt, kan het beste beginnen met het scheiden van gedeelde productinformatie en maat-specifieke gegevens in het eigen systeem, zodat die structuur klaarstaat zodra de bandenspecifieke eisen definitief zijn.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

Elk product krijgt een eigen unieke identificatiecode

Artikel 12 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) schrijft voor dat een product dat onder een digitaal productpaspoort valt, een unieke identificatiecode krijgt. Die code identificeert het product, en daarmee ook het bijbehorende paspoort, ondubbelzinnig. Voor een bandenimporteur of groothandel betekent dit dat een 205/55 R16 en een 225/45 R17 van dezelfde lijn — zelfs met identiek loopvlakontwerp, rubbercompound en fabrieksproces — twee verschillende producten zijn in de zin van de verordening. Elke maat krijgt dus een eigen code, en daarmee in de regel een eigen paspoort. Hoe die code precies wordt opgebouwd en gekoppeld aan de bandenmaat, staat beschreven op de pagina over hoe de bandenmaat zich verhoudt tot de unieke identificatiecode.

Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers is de praktische impact vooral organisatorisch: wie de paspoorten samenstelt (zoals tyrepas.eu doet op basis van fabrikants- of importeursdata) moet per maatvoering een aparte identificatiecode en een aparte paspoortregistratie aanleveren, ook als de onderliggende technische gegevens grotendeels overlappen.

Het paspoort moet de kenmerken van dát specifieke product weergeven

Artikel 11 van de ESPR regelt het technisch ontwerp en de werking van het digitale productpaspoort, en stelt onder meer dat de informatie in het paspoort betrouwbaar, consistent en actueel moet zijn voor het product waarop het betrekking heeft. Een bandtype kan per maat verschillen in gewicht, belastingsindex, snelheidsklasse, rolweerstand en soms in de exacte samenstelling. Wanneer die waarden per maat afwijken — en dat is bij banden vaak het geval — dan is generiek hergebruik van gegevens over meerdere maten heen niet houdbaar, ook al is de basisdocumentatie hetzelfde model.

Voor een bedrijf betekent dit dat de vraag "kan ik dezelfde gegevens gebruiken" in twee delen uiteenvalt: de gegevens die per maat identiek zijn (merk, model, algemene samenstelling) kunnen worden herhaald, maar de gegevens die per maat verschillen (technische prestatiewaarden, gewicht, code) moeten specifiek zijn voor die maat.

De koppeling tussen paspoort en fysiek product blijft één-op-één

Ook wanneer de inhoud van meerdere paspoorten grotendeels overeenkomt, blijft de koppeling tussen een paspoort en het fysieke product er één die via de datadrager op het product zelf loopt. Hoe die koppeling op de band wordt aangebracht, staat toegelicht op de pagina over hoe de QR-code voor het productpaspoort op de band komt. Dat betekent dat een gedeelde databron op de achtergrond mag bestaan, maar dat elke maat een eigen zichtbare, scanbare verwijzing nodig heeft die naar het juiste paspoort leidt — niet naar het paspoort van een andere maat uit dezelfde lijn.

Waar het misgaat in de praktijk

Eén paspoort voor de hele productlijn. Een importeur maakt één paspoort voor "bandtype X" en verwijst vanuit alle maten naar dezelfde QR-code, omdat het rubbercompound en het profiel identiek zijn. Zodra een controle of een klant de code van de 17 inch versie scant en gegevens van de 16 inch versie ziet (ander gewicht, andere belastingsindex), ontstaat een discrepantie tussen paspoort en product.

Kopiëren van technische waarden zonder herberekening. Bij het samenstellen van paspoorten voor een nieuwe maat wordt de brondata van een bestaande maat gekopieerd en alleen de maataanduiding aangepast, terwijl waarden als rolweerstandklasse of belastingsindex in werkelijkheid anders zijn voor die maat. Dit gebeurt vaak onder tijdsdruk, wanneer meerdere maten tegelijk moeten worden opgeleverd.

Verwarring tussen "gelijk model" en "gelijk product". Sommige bedrijven redeneren vanuit het commerciële modelnummer (zoals dat op de verpakking of in de catalogus staat) en gaan er ten onrechte van uit dat één modelnummer ook één identificatiecode en één paspoort betekent. De ESPR redeneert vanuit het product zoals het op de markt wordt gebracht, en dat is per maat een ander product.

Onvoldoende afstemming tussen ERP-systeem en paspoortdata. Wanneer het voorraad- of ERP-systeem bandmaten als varianten van één artikel behandelt, wordt die structuur soms klakkeloos overgenomen in de paspoortdata, zonder dat er per variant een aparte controle plaatsvindt of de technische gegevens daadwerkelijk gelijk zijn. Bij het koppelen van het productpaspoort aan een ERP- of voorraadsysteem is dit een aandachtspunt: de koppeling moet de paspoort-identificatiecode als leidend nemen, niet het interne artikelnummer.

Register niet bijgewerkt per maat. Wanneer nieuwe maten van een bestaand bandtype op de markt komen, wordt niet altijd voor elke maat afzonderlijk een registratie in het Europese register gemaakt. Wat daarin per product moet staan, staat beschreven op de pagina over het register van digitale productpaspoorten.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht per bandtype van welke technische kenmerken (gewicht, belastingsindex, snelheidsklasse, rolweerstand, geluidsklasse) per maatvoering gelijk zijn en welke afwijken, als basis voor het al dan niet hergebruiken van gegevens.
  • Een vaste werkwijze voor het toekennen van de unieke identificatiecode per maat, zodat nooit twee maten dezelfde code delen.
  • Een sjabloon waarin per maatvoering wordt vastgelegd welke gegevens zijn overgenomen van een bestaande maat en welke opnieuw zijn opgehaald bij de fabrikant of importeur.
  • Een controlemoment vóór publicatie, waarin wordt nagegaan of de QR-code op elke maat naar het bijbehorende, specifieke paspoort verwijst — zie ook de aanpak bij een beschadigde of onleesbare QR-code voor wat er gebeurt als die koppeling achteraf niet meer te herstellen is.
  • Een vaste afspraak met de leverancier of fabrikant over hoe wijzigingen in technische specificaties per maat worden doorgegeven, zodat gedeelde basisgegevens niet verouderen zonder dat dit wordt opgemerkt.
  • Een interne check of het gebruikte modelnummer in de catalogus overeenkomt met de juiste reeks unieke identificatiecodes, om verwarring tussen commercieel model en juridisch product te voorkomen.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.