tyrepas.eu

wat moet ik doen als de qr code op de band onleesbaar of beschadigd is

Een beschadigde QR-code maakt het paspoort niet ongeldig

Het productpaspoort zelf blijft bestaan, ook als de QR-code op de band niet meer leesbaar is. De QR-code is namelijk niet het paspoort — het is alleen de datadrager die naar het paspoort verwijst. De ESPR maakt in artikel 11 een duidelijk onderscheid tussen het digitale productpaspoort (de gegevens, opgeslagen bij een aanbieder) en de drager waarmee iemand er toegang tot krijgt. Als die drager beschadigd, vervaagd of onleesbaar raakt, is het probleem dus praktisch: iemand kan het paspoort even niet raadplegen via die band. Het paspoort verdwijnt daardoor niet en de gegevens erin veranderen niet.

Voor wie dit relevant is, en voor wie niet

Dit onderwerp speelt vooral bij banden die al een tijd in gebruik zijn: slijtage, opnieuw profileren, reiniging met agressieve middelen of gewoon jaren rijden kunnen een QR-code onleesbaar maken. Voor een wagenparkbeheerder of garage die een band wil controleren, is dat vervelend maar geen juridisch probleem — er wordt niet van hen verwacht dat zij de code herstellen. Voor de partij die de band op de markt heeft gebracht (fabrikant of importeur) ligt dat anders: die blijft verantwoordelijk voor het feit dát er een werkende datadrager op het product zit op het moment van verkoop. Beschadiging die daarna optreedt, door gebruik, valt buiten die verantwoordelijkheid. Dit onderwerp gaat niet over de vraag hoe de code in eerste instantie op de band komt — dat staat beschreven op de pagina over hoe de QR-code op het product wordt aangebracht — en ook niet over de vraag of het paspoort zelf tien jaar of langer bewaard blijft, wat een apart onderwerp is.

Wanneer dit gaat gelden, staat nog niet vast

De verplichting tot een digitaal productpaspoort met QR-datadrager voor banden volgt uit de ESPR, maar de datum waarop dit voor banden concreet ingaat, hangt af van een gedelegeerde handeling die specifiek voor banden nog gepubliceerd moet worden. Die wordt volgens het werkplan van de Europese Commissie voor 2025-2030 verwacht in 2027, maar dat is een verwachting, geen vaststaand feit. Tot die handeling er is, gelden er geen concrete verplichtingen voor QR-codes op banden en dus ook geen regels over wat te doen bij beschadiging ervan. Zodra de datum vaststaat, wordt die hier vermeld.

Wat dit in de praktijk betekent

Voor wie nu al nadenkt over hoe dit straks werkt, is de logica als volgt op te bouwen. Eerst: de QR-code is een verwijzing, geen opslagplaats. De gegevens staan bij de partij die het paspoort host — in het geval van tyrepas.eu tien jaar lang — en niet op de band zelf. Een kras of vervaging op de code betekent dus niet dat gegevens verloren gaan.

Daarna: de manier waarop iemand alsnog bij het paspoort komt zonder werkende QR-code, hangt af van hoe de identificatie is opgezet. Als de band een unieke identificatiecode heeft die ook los van de QR-code herleidbaar is — bijvoorbeeld via het framenummer, een DOT-code of een ander kenmerk dat de importeur heeft vastgelegd — kan het paspoort vaak nog worden opgezocht via het register van digitale productpaspoorten of via het systeem van de partij die het paspoort beheert. Hoe die unieke identificatiecode precies is opgebouwd en welke rol de bandenmaat daarbij speelt, staat beschreven op de pagina over de koppeling tussen bandenmaat en identificatiecode.

Voor een importeur of groothandel die zelf paspoorten laat aanmaken, is de praktische les vooral preventief: de kwaliteit en duurzaamheid van de datadrager (materiaal, plaatsing, gravure versus sticker) bepaalt hoe vaak dit probleem zich voordoet. Dat is een keuze die bij het aanmaken van het paspoort wordt gemaakt, niet iets wat achteraf te herstellen is aan een individuele band. Wie de QR-code liever automatisch laat meelopen met bestaande productgegevens, kan dat proces inrichten via een koppeling met het eigen ERP- of voorraadsysteem, zodat de datadrager consistent gegenereerd wordt op basis van de juiste identificatiecode per product.

Voor een eindgebruiker die op straat een band tegenkomt met een onleesbare code, is er in de praktijk vaak geen directe eigen actie nodig: dit is primair een aandachtspunt voor de partij die verantwoordelijk is voor het op de markt brengen van het product, niet voor de gebruiker.

De juridische basis: artikel 11, 16 en 17 van de ESPR

Dat het paspoort en de datadrager twee aparte dingen zijn, volgt uit artikel 11 van Verordening (EU) 2024/1781, dat het technisch ontwerp en de werking van het digitale productpaspoort beschrijft — inclusief de eis dat gegevens toegankelijk moeten zijn via een datadrager, zonder dat de datadrager zelf de enige plek is waar de gegevens bestaan. Artikel 16 gaat over etiketten en de eisen die daaraan gesteld worden, en artikel 17 behandelt nagebootste etiketten — relevant voor de vraag wat er wél en niet mag gebeuren met een datadrager, ook als die beschadigd is, om verwarring of misleiding te voorkomen. Deze artikelen vormen samen de basis voor de scheiding tussen "het paspoort bestaat" en "de code op dit exemplaar werkt nu niet".

Wie dit onderwerp verder wil uitzoeken voor de eigen situatie, kan het beste beginnen bij de vraag of het productpaspoort überhaupt al geldt voor de eigen banden — dat is een voorvraag die op een aparte pagina wordt behandeld, en die bepaalt of onderstaande stappen al relevant zijn of nog niet.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De QR-code moet gedurende de hele levensduur van de band leesbaar en werkend zijn

Artikel 11 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) gaat uit van een datadrager die toegang geeft tot het productpaspoort zolang het product in gebruik is. Dat is geen eenmalige leverplicht bij verkoop: de gedachte achter het digitale productpaspoort is dat een wagenparkbeheerder, een garage of een controleur de band jaren later nog kan scannen. Voor een importeur of groothandel met 10 tot 100 medewerkers betekent dit vooral iets voor de keuze van de datadrager en de plek waar die op de band komt: een QR-code die door normaal gebruik van de band (slijtage, montage, opslag) al snel onleesbaar wordt, voldoet niet aan het uitgangspunt van artikel 11. Hoe die code precies op het product komt en welke eisen daarbij spelen, staat uitgewerkt op de pagina over hoe de QR-code op uw banden terechtkomt.

Het paspoort zelf moet ook zonder de fysieke code te vinden zijn

Een goed ingerichte data-drager staat niet op zichzelf: de onderliggende koppeling met de unieke identificatiecode van het product zorgt ervoor dat het paspoort ook langs een andere weg terug te vinden is, bijvoorbeeld via het serienummer, de partij of het model. Voor bedrijven die met GS1 Digital Link werken, is dat een ingebouwde eigenschap van het systeem — zie de uitleg over wat GS1 Digital Link is en of u dat nodig heeft. Praktisch betekent dit dat een beschadigde code niet automatisch een doodlopend spoor is, als de identificatie van de band verder op orde is.

Nagemaakte of misleidende etiketten zijn iets anders dan een beschadigd etiket

Artikel 16 en artikel 17 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) gaan over etiketten die zijn nagebootst of die een verkeerde indruk geven van conformiteit. Dat is een ander scenario dan een QR-code die door slijtage, warmte of een klap onleesbaar is geworden. Voor een bedrijf is het onderscheid relevant: een versleten code is een technisch/praktisch probleem, geen kwestie van misleiding. Dat neemt niet weg dat een niet-werkende code in de praktijk wel tot vragen van een afnemer of toezichthouder kan leiden, simpelweg omdat de informatie op dat moment niet oproepbaar is.

De herkomst van de gegevens moet ook zonder scan reconstrueerbaar zijn

Omdat het paspoort wordt samengesteld uit gegevens van de fabrikant of importeur, is het van belang dat die onderliggende gegevens ook los van de QR-code op de band bestaan en toegankelijk blijven. Dat raakt aan de vraag hoe lang een paspoort beschikbaar moet blijven — zie hoe lang het paspoort bestaat — en aan de vraag wat er met die gegevens gebeurt als een bedrijf om wat voor reden dan ook stopt, uitgewerkt op de pagina over wat er gebeurt als uw bedrijf stopt. Een beschadigde code op één band is dus zelden op zichzelf een probleem; een ontbrekende of onvindbare onderliggende dataset is dat wel.

Waar het misgaat in de praktijk

De code wordt op een plek aangebracht die niet bestand is tegen het gebruik van de band. Een sticker of gravering op het loopvlak of de flank die snel slijt door montage, opslag buiten of contact met andere banden, is binnen korte tijd onleesbaar — terwijl de band zelf nog jaren meegaat.

Er is geen tweede weg naar het paspoort. Als de QR-code de enige ingang is en er geen koppeling bestaat met een leesbaar serienummer of een unieke identificatiecode, staat een wagenparkbeheerder met een kapotte code met lege handen. Dat is precies waar een goede inrichting van de identificatiecode het verschil maakt, zoals beschreven op de pagina over elk product een unieke identificatiecode geven.

Bandenmaat en identificatiecode raken door elkaar. Bij grote volumes en meerdere maten van hetzelfde model komt het voor dat de koppeling tussen maat en code niet consistent is vastgelegd, waardoor een vervangende code of een handmatige opzoekactie tot verwarring leidt. De relatie tussen deze twee onderwerpen staat toegelicht op de pagina over de bandenmaat en de identificatiecode.

Een groothandel vervangt de code bij ombouw of herverpakking, zonder de koppeling te controleren. Bij het overplakken of vervangen van een beschadigde code wordt soms de verkeerde of een verouderde code aangebracht, waardoor de scan naar het paspoort van een ander product of een oudere partij leidt.

Er wordt vertrouwd op het geheugen van de leverancier in plaats van op vastgelegde koppelingen. Zonder een intern systeem dat vastlegt welke code bij welke partij hoort, is een beschadigde code op voorraad niet meer te herstellen zonder de fabrikant of importeur opnieuw te raadplegen — terwijl dat met een goede koppeling aan het eigen ERP-systeem te voorkomen is, zie het productpaspoort koppelen aan uw ERP- of voorraadsysteem.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van waar op de band de QR-code is aangebracht en waarom die plek is gekozen (bestendigheid tegen slijtage, montage, opslag).
  • De koppeling tussen de unieke identificatiecode van de band en het paspoort, los van de fysieke QR-code, zodat een tweede toegangsweg bestaat.
  • Een procedure voor het geval een code op voorraad of bij een klant beschadigd raakt: wie neemt contact op met wie, en welke gegevens zijn nodig om de juiste band terug te vinden.
  • De registratie van welke partij of welk model bij welke code hoort, bruikbaar bij interne controle en bij vragen van afnemers.
  • Verwijzingen naar de eigen inrichting van het register, zodat duidelijk is welk paspoort bij welk product staat geregistreerd — zie het Europese register van digitale productpaspoorten.
  • Afspraken met de fabrikant of importeur over hoe een vervangende of aanvullende datadrager wordt geleverd bij grotere partijen, vooral relevant wanneer dezelfde gegevens voor meerdere bandmaten worden gebruikt — zie gegevens hergebruiken voor andere bandmaten.

Deze vastleggingen zijn geen wettelijke verplichting op zich, maar maken het intern makkelijker om snel te reageren als een code in de praktijk niet meer werkt — zonder dat daarvoor telkens de fabrikant opnieuw moet worden benaderd.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.