tyrepas.eu

Geldt het digitaal productpaspoort voor mijn banden?

Nog geen verplichting, maar banden staan wel op de lijst

Op dit moment geldt er voor banden nog geen wettelijke verplichting tot een digitaal productpaspoort. De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) is de kaderverordening die het systeem van het digitaal productpaspoort mogelijk maakt, maar deze verordening zelf bepaalt niet per productgroep wanneer en hoe het paspoort verplicht wordt. Dat gebeurt via een aparte gedelegeerde handeling per productgroep. Voor banden is zo'n handeling nog niet gepubliceerd. Banden staan wel op het werkplan van de Europese Commissie voor de periode 2025-2030, wat betekent dat de kans reëel is dat er voor deze productgroep regels komen, maar de inhoud en de ingangsdatum liggen nog niet vast.

Waarvoor de kaderverordening wel en niet geldt

Artikel 1 van de ESPR beschrijft het onderwerp en het toepassingsgebied van de verordening: het is een raamwerk dat geldt voor fysieke goederen die op de markt worden gebracht of in gebruik worden gesteld, met een aantal categorieën die buiten het toepassingsgebied vallen (zoals voedingsmiddelen, diervoeders, geneesmiddelen en levende organismen). Banden vallen als fysiek product in beginsel binnen dit brede toepassingsgebied. Dat is echter iets anders dan zeggen dat er al concrete eisen voor banden gelden. De ESPR werkt met productgroepen: pas wanneer de Commissie voor een specifieke groep — bijvoorbeeld banden — een gedelegeerde handeling vaststelt, ontstaan er daadwerkelijke ecodesign-eisen en een verplichting tot een digitaal productpaspoort voor die groep. Zonder zo'n handeling blijft artikel 1 een kader zonder concrete verplichting voor banden.

Het is daarbij ook relevant om onderscheid te maken tussen de band als los product en het voertuig als geheel. Voertuigen die onder een eigen typegoedkeuringskader vallen, worden voor een deel via andere regelgeving geregeld dan de ESPR. De band als afzonderlijk verhandelbaar product — nieuw geproduceerd of als vervangingsband op de markt gebracht — is het soort object waarvoor een eigen productgroep-traject binnen de ESPR wordt overwogen. Voor wie banden importeert, verhandelt of in een wagenpark beheert, is dus vooral van belang te volgen wat er voor de productgroep "banden" specifiek wordt vastgesteld, en niet zonder meer aan te nemen dat een algemene ESPR-verplichting al automatisch geldt.

Wat vaststaat over het moment van invoering

Een harde datum waarop het digitaal productpaspoort voor banden verplicht wordt, is er nog niet. Wat wel vaststaat: banden zijn opgenomen in het ESPR-werkplan 2025-2030, en de gedelegeerde handeling voor deze productgroep wordt daarin voorzien voor 2027. Een gedelegeerde handeling is de stap waarin de Commissie de concrete eisen voor een productgroep vastlegt, inclusief eventuele overgangstermijnen voordat de verplichting daadwerkelijk ingaat. Zolang die handeling niet is gepubliceerd, is er geen wettelijke verplichting tot een paspoort voor banden, en is elke datum die verder gaat dan "verwacht" een inschatting, geen vaststaand gegeven. Zodra de gedelegeerde handeling is gepubliceerd, bepaalt de tekst daarvan zelf vanaf welk moment de verplichting ingaat — dat kan een andere datum zijn dan het jaar waarin de handeling wordt vastgesteld.

Wat te doen tot de datum vaststaat

Voor wie nu al met de vraag zit of dit relevant wordt: het eerste dat te doen staat is het werkplan en de aankondigingen van de Commissie in de gaten houden, specifiek voor de productgroep banden. Zodra een concept-gedelegeerde handeling wordt gepubliceerd, geeft die duidelijkheid over welke banden het precies betreft (bijvoorbeeld op basis van type, toepassing of marktsegment), welke gegevens in het paspoort moeten komen, en vanaf wanneer. Tot die tijd is er geen wettelijke reden om al een paspoort te voeren, maar het is voor bandenimporteurs en groothandel wel praktisch om alvast in kaart te brengen welke productgegevens van fabrikanten beschikbaar zijn — denk aan materiaalsamenstelling, prestatiekenmerken en herkomst — omdat dit type informatie in vrijwel elk scenario de basis vormt voor een toekomstig paspoort. Wagenparkbeheerders die banden inkopen, kunnen in hun overwegingen alvast rekening houden met de mogelijkheid dat leveranciers op termijn paspoortgegevens moeten aanleveren, zonder daar nu al voorwaarden aan te verbinden die niet uit de regelgeving volgen.

Waar dit op is gebaseerd: artikel 1 en artikel 9 ESPR

Deze uitleg volgt uit artikel 1 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781), dat het onderwerp en toepassingsgebied van de verordening vastlegt, en uit artikel 9 van dezelfde verordening, dat het digitaal productpaspoort als instrument introduceert binnen dat kader. Beide artikelen laten zien dat de ESPR een raamwerk biedt waarbinnen per productgroep — via gedelegeerde handelingen — concrete eisen worden vastgesteld. Voor banden is die handeling er nog niet; het werkplan 2025-2030 geeft aan dat deze wordt voorbereid, met een verwachting voor 2027.

Nu concreet

Wie op deze pagina op zoek was naar een bevestiging of ontkenning: die komt op dit moment nog niet. Het meest bruikbare wat nu te doen staat, is deze pagina of het ESPR-werkplan in de gaten houden en de eigen productgegevens alvast op orde brengen, zodat er geen achterstand ontstaat zodra de gedelegeerde handeling voor banden wordt gepubliceerd.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) is een kaderverordening. Artikel 1 maakt duidelijk dat de verordening zelf geen productgroep aanwijst — dat gebeurt per productgroep via een gedelegeerde handeling. Voor banden betekent dit dat de vraag "geldt het voor mijn banden" op dit moment nog niet met een simpel ja of nee te beantwoorden is: de kaderregels liggen er, de precieze invulling voor banden nog niet. Wat er nu al wel uit te lezen is, is de structuur waarbinnen dat gaat gebeuren.

Bepalen of uw producttype onder de aangewezen categorie valt

Artikel 1 van de ESPR bepaalt dat de verordening van toepassing is op producten die via een gedelegeerde handeling zijn aangewezen. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit praktisch: nagaan welke bandentypen in het huidige assortiment zitten (personenwagenbanden, bestelwagenbanden, vrachtwagenbanden, motorbanden, industriebanden) en die indeling naast de uiteindelijke aanwijzing leggen zodra die bekend is. Niet elk bandentype hoeft automatisch onder dezelfde regeling te vallen. Een overzicht van welke producten uit de bandenbranche in beeld zijn, staat op welke producten van de bandenbranche vallen onder de ESPR.

Volgen welke gedelegeerde handeling van toepassing wordt

Artikel 1 koppelt de reikwijdte aan een gedelegeerde handeling die nog gepubliceerd moet worden. Voor een bedrijf betekent dit dat de eigen planning niet op de ESPR-tekst zelf kan worden gebaseerd, maar op een aparte, latere publicatie die per productgroep verschijnt. Wachten tot die handeling er is, is dan ook geen uitstelgedrag maar de enige manier om te weten wat precies gaat gelden. Wat een gedelegeerde handeling precies is en waarom die bepaalt wat er moet gebeuren, staat uitgelegd op wat is een gedelegeerde handeling en waarom bepaalt die wat ik moet doen.

Onderscheid maken tussen "onder de ESPR vallen" en "een paspoort nodig hebben"

Artikel 9 van de ESPR regelt het digitaal productpaspoort zelf, maar dat artikel treedt voor een productgroep pas in werking nadat de gedelegeerde handeling voor die groep de paspoortplicht heeft vastgelegd. Voor een bedrijf betekent dit dat "banden vallen onder de ESPR" en "banden hebben een productpaspoort nodig" twee aparte stappen zijn, met mogelijk een tijdsverschil ertussen. Wat een digitaal productpaspoort voor banden inhoudt en wat het praktisch met zich meebrengt, staat op wat is een digitaal productpaspoort voor banden.

Rekening houden met de eigen positie in de keten

Artikel 1 richt zich op producten die op de markt worden gebracht, niet specifiek op één schakel in de keten. Voor een importeur, groothandel of wagenparkbeheerder betekent dit dat de vraag "geldt het voor mijn banden" ook afhangt van de rol die het bedrijf vervult: wie de banden op de EU-markt brengt, draagt een andere verantwoordelijkheid dan wie ze alleen doorverkoopt of inzet in een wagenpark. Dat onderscheid is niet in artikel 1 zelf uitgewerkt, maar is wel relevant bij het inschatten van de eigen positie.

Waar het misgaat in de praktijk

Een importeur gaat ervan uit dat "banden" als geheel één aanwijzingsdatum krijgen, en plant de hele voorraad op dezelfde deadline — terwijl personenwagenbanden en vrachtwagenbanden apart beoordeeld kunnen worden.

Een groothandel leest berichten over "het bandenpaspoort komt eraan" en neemt aan dat de verplichting al in de ESPR zelf staat, zonder te checken dat artikel 1 uitdrukkelijk verwijst naar een nog te publiceren gedelegeerde handeling.

Een wagenparkbeheerder besluit te wachten met elke voorbereiding tot de verplichting officieel ingaat, en ontdekt dan dat de eigen leveranciers al wel data moeten aanleveren — waardoor de aansluiting op het eigen systeem alsnog onder tijdsdruk moet gebeuren.

Een bedrijf met minder dan 10 medewerkers neemt aan volledig buiten beeld te blijven, zonder te checken of er een aparte regeling voor kleine bedrijven in de uiteindelijke handeling wordt opgenomen.

Een importeur van coverbanden of loopvlakvernieuwde banden gaat ervan uit dat deze productcategorie automatisch meegenomen wordt in dezelfde aanwijzing als nieuwe banden, zonder dat te bevestigen.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van de bandentypen die het bedrijf op de markt brengt of verhandelt, inclusief EU-productcode of vergelijkbare classificatie, zodat snel te herleiden is welk type onder een toekomstige aanwijzing valt.
  • De datum en vindplaats van de laatst geraadpleegde versie van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781), zodat duidelijk is welke tekstversie als basis diende voor een eerdere beoordeling.
  • Een notitie over de eigen positie in de keten (fabrikant, importeur, groothandel, gebruiker) per bandentype, want die positie kan meebepalen welke verplichting relevant wordt.
  • Een vaste afspraak — bijvoorbeeld per kwartaal — om te checken of er nieuws is over de gedelegeerde handeling voor banden, met een verwijzing naar de pagina die bijhoudt wanneer het productpaspoort verplicht wordt voor banden.
  • Een lijst van vragen die nog open staan zodra de aanwijzing er wel is, bijvoorbeeld over coverbanden, proefpartijen of tweedehands verkoop, zodat die niet pas achteraf naar boven komen.
  • Contactgegevens van leveranciers en afnemers die relevant zijn voor het aanleveren of ontvangen van paspoortgegevens, zodat die keten al in kaart is voordat de verplichting ingaat.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.