tyrepas.eu

Welke producten van de bandenbranche vallen onder de ESPR?

Banden vallen onder het bereik van de ESPR, maar nog niet onder concrete eisen

Banden zijn een fysiek product dat op de markt wordt gebracht, en vallen daarmee in beginsel binnen het toepassingsgebied dat artikel 1 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) beschrijft. Die verordening is een kaderwet: ze stelt zelf geen ecodesign-eisen voor specifieke producten vast, maar bepaalt voor welke soort producten de Europese Commissie dergelijke eisen kán vaststellen, en via welk proces dat gebeurt. Of en wanneer banden daadwerkelijk verplichte eisen krijgen — waaronder een digitaal productpaspoort — hangt af van een gedelegeerde handeling die specifiek voor de productgroep banden wordt opgesteld. Zolang die er niet is, gelden er voor banden geen ESPR-verplichtingen, ook al vallen ze wel binnen de reikwijdte die de kaderverordening beschrijft.

Voor welke banden dit relevant is, en voor welke niet

Artikel 1 van de ESPR sluit een aantal productcategorieën expliciet uit van het toepassingsgebied, zoals voedsel, diervoeder, geneesmiddelen, levende planten en dieren, en voertuigen die al onder eigen typegoedkeuringsverordeningen vallen (zoals Verordening (EU) nr. 167/2013 voor land- en bosbouwvoertuigen, Verordening (EU) nr. 168/2013 voor twee- en driewielige voertuigen, en Verordening (EU) 2018/858 voor motorvoertuigen), tenzij daarover in een gedelegeerde handeling anders wordt bepaald. Een band als los product — bijvoorbeeld een vervangingsband die een groothandel of importeur op de markt brengt — is zelf geen "voertuig" in de zin van die uitzondering. Dat is relevant voor de doelgroep van dit platform: bandenimporteurs, groothandel en wagenparkbeheer hebben te maken met banden als zelfstandig product, niet met de typegoedkeuring van het voertuig waarop ze uiteindelijk gemonteerd worden. Voor banden die al bij aflevering op een nieuw voertuig zijn gemonteerd, ligt de situatie anders, omdat die band dan onderdeel is van een voertuig dat onder een eigen regeling valt. Deze pagina gaat over banden als zelfstandig verhandeld product, niet over de originele bandenset op een nieuw voertuig.

Nog geen vastgestelde datum voor eisen aan banden

Er is op dit moment geen gedelegeerde handeling voor banden gepubliceerd, en er is dus ook geen datum waarop eisen voor banden ingaan. Wat wel vaststaat: de Europese Commissie werkt met een ecodesign-werkprogramma voor de periode 2025-2030, waarin per productgroep wordt bepaald wanneer een gedelegeerde handeling wordt voorbereid. Voor banden wordt in dat werkplan een gedelegeerde handeling rond 2027 verwacht. Dat is een planningsdatum uit het werkprogramma, geen wettelijk vastgelegde ingangsdatum — het kan opschuiven, en de inhoud van de eisen (en dus ook of en wanneer een productpaspoort verplicht wordt) ligt nog niet vast totdat de handeling zelf is gepubliceerd. Zodra dat gebeurt, wordt de datum op dit platform bijgewerkt.

Wat dit betekent voor wie nu al bezig is

Voor een importeur, groothandel of wagenparkbeheerder is de meest praktische volgorde: eerst vaststellen of het eigen assortiment inderdaad uit banden bestaat die zelfstandig op de markt worden gebracht (en dus niet uitsluitend als origineel onderdeel van een nieuw voertuig worden geleverd), want dat bepaalt of de ESPR-uitzondering voor voertuigen relevant is. Vervolgens is het zinvol om in kaart te brengen welke productgegevens al beschikbaar zijn bij de fabrikant of eigen organisatie — materiaalsamenstelling, prestatiekenmerken, herkomst — omdat een toekomstig productpaspoort op dit soort gegevens zal steunen. Daarna is het een kwestie van de publicatie van de gedelegeerde handeling volgen, aangezien pas dan duidelijk wordt welke gegevens verplicht worden en per wanneer. Wie de infrastructuur voor gegevensbeheer en een datadrager (zoals een QR-code) alvast op orde brengt, staat er goed voor zodra de eisen wél concreet worden, zonder dat daarmee iets wordt vooruitgelopen op een verplichting die er nu nog niet is.

De basis: artikel 1 en 2 van de ESPR

Dat banden in beginsel binnen het bereik van de ESPR vallen, volgt uit artikel 1 van Verordening (EU) 2024/1781, dat het onderwerp en toepassingsgebied van de verordening beschrijft, inclusief de lijst van producten en productcategorieën die daarvan zijn uitgezonderd. Artikel 2 van diezelfde verordening geeft de definities die bepalen wat onder begrippen als "product" en "gedelegeerde handeling" wordt verstaan, en daarmee ook hoe het toepassingsgebied van artikel 1 moet worden gelezen. Beide artikelen leggen het kader vast; de concrete invulling voor banden volgt pas met een productspecifieke gedelegeerde handeling die op dit kader is gebaseerd.

Wie nu al wil voorsorteren, kan het beste beginnen met het ordenen van de eigen productgegevens per bandentype en de publicatie van de gedelegeerde handeling voor banden in de gaten houden — de inhoud en ingangsdatum van eventuele verplichtingen worden pas met die publicatie duidelijk.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) is een kaderverordening. Dat betekent dat artikel 1 het toepassingsgebied ruim omschrijft — de verordening geldt in principe voor fysieke goederen die op de markt worden gebracht of in gebruik worden gesteld — en dat artikel 2 de begrippen definieert waarmee dat toepassingsgebied per productgroep wordt ingevuld. Voor banden is er op dit moment nog geen productgroep-specifieke uitwerking gepubliceerd. Dat gebeurt via een gedelegeerde handeling, en zonder die handeling is nog niet vastgelegd welke bandtypes precies onder de eisen vallen en welke niet. Wat hieronder staat, is dus een beschrijving van hoe de kaderverordening naar producten kijkt, niet een definitieve lijst voor banden.

Begrijpen wat een "product" in de zin van de ESPR is

Artikel 2 van de ESPR werkt met een brede omschrijving van wat een product is: een fysiek goed dat in de handel wordt gebracht. Voor een bandenbedrijf betekent dit dat de kaderverordening zelf geen onderscheid maakt naar bandmaat, voertuigcategorie of toepassing — dat onderscheid komt pas terug in de productgroep-eisen die nog moeten worden vastgesteld. Praktisch betekent dit voor een importeur of groothandel dat er nu nog geen zekerheid is over de precise afbakening, en dat het raadzaam is de eigen assortimentslijst klaar te hebben liggen zodra die afbakening wel gepubliceerd wordt. Meer over die bredere context staat in wat de ESPR verandert voor de bandenbranche.

Nagaan of het eigen assortiment onder de reikwijdte valt

Niet elk rubberen of samengesteld product met de naam "band" hoeft onder dezelfde regels te vallen. Denk aan onderscheid tussen banden voor personenauto's, bestelwagens, vrachtwagens, landbouwvoertuigen, of industriële toepassingen. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers met een gemengd assortiment betekent dit dat het raadzaam is per productlijn te bekijken of en wanneer die in beeld komt, in plaats van uit te gaan van een algemene aanname dat "banden" als geheel al dan niet meedoen. Een eerste oriëntatie daarover staat in geldt het digitaal productpaspoort voor mijn banden.

Onderscheid maken tussen nieuwe banden en afgeleide producten

De kaderverordening spreekt over producten die in de handel worden gebracht, maar in de praktijk van de bandenbranche bestaan er tussenvormen: gecoverde banden, loopvlakvernieuwing, en tweedehands verkoop. Voor deze categorieën is het nog niet vastgelegd of en hoe de paspoortverplichting toepast, en dat vraagt om afzonderlijke aandacht in plaats van ze automatisch gelijk te stellen aan nieuwe banden. Zie hierover coverbanden en loopvlakvernieuwing en, voor de handel in gebruikte banden, particuliere verkoop van tweedehands banden.

Weten wie in de keten het paspoort samenstelt

Artikel 1 en 2 van de ESPR richten zich op degene die het product in de handel brengt, maar in de bandenketen zijn dat verschillende partijen: de bandenfabrikant, de importeur, en soms de voertuigfabrikant die banden als onderdeel van een nieuw voertuig monteert. Voor een groothandel of importeur betekent dit dat het van belang is om vooraf te weten wie in de eigen keten verantwoordelijk is voor het aanleveren van de onderliggende gegevens, ook als tyrepas.eu het paspoort zelf samenstelt en hostte. Zie ook wie het paspoort maakt van banden op een nieuw voertuig.

Testpartijen en samples apart beoordelen

Banden die niet verkocht worden — proefpartijen, samples voor keuring, testbanden voor eigen gebruik — vallen mogelijk anders onder het toepassingsgebied dan banden die regulier in de handel worden gebracht. Dit is een van de situaties waarin het woord "in de handel brengen" uit artikel 2 relevant wordt: een product dat nooit verkocht wordt, is niet per definitie uitgesloten, maar de vraag verdient een eigen afweging. Zie moet ik ook een productpaspoort maken voor testbanden of samples die ik niet verkoop.

Waar het misgaat in de praktijk

Een importeur gaat ervan uit dat "banden" één productgroep is en verwacht daarom één set regels voor het volledige assortiment, terwijl de uiteindelijke gedelegeerde handeling mogelijk onderscheid maakt tussen toepassingen.

Een groothandel neemt aan dat kleinschaligheid van het eigen bedrijf automatisch een uitzondering betekent, zonder dat dit uit de kaderverordening blijkt. Dat de omvang van een bedrijf iets uitmaakt, is niet iets wat uit artikel 1 of 2 van de ESPR is af te leiden; wie zich daarover wil oriënteren leest geldt het productpaspoort ook voor kleine bedrijven.

Een wagenparkbeheerder verwart de vraag "welke banden vallen onder de ESPR" met de vraag "wanneer moet dat paspoort er zijn" — twee losse vragen die vaak door elkaar worden gebruikt, terwijl de eerste over toepassingsgebied gaat en de tweede over inwerkingtreding. Zie voor die tweede vraag wanneer wordt het productpaspoort verplicht voor banden.

Een bedrijf dat cover- of vernieuwde banden verkoopt, gaat ervan uit dat deze automatisch buiten beschouwing blijven omdat het geen "nieuw" product is, zonder dat dit ergens is vastgelegd.

Een importeur die ook testbanden of demonstratiemodellen in het assortiment heeft, behandelt deze als vrijgesteld zonder daarvoor een concrete basis te hebben in de tekst van de verordening.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van de eigen productlijnen (personenauto, bestelwagen, vrachtwagen, landbouw, industrie) met een aantekening per lijn of deze mogelijk onder toekomstige eisen valt.
  • Een lijst van ketenpartners (fabrikant, importeur, voertuigfabrikant) met wie afspraken gemaakt zijn of gemaakt moeten worden over het aanleveren van gegevens voor het paspoort.
  • Een aparte registratie van cover- en loopvlakvernieuwde banden, gescheiden van nieuwe banden, zodat deze categorie apart beoordeeld kan worden zodra de gedelegeerde handeling gepubliceerd wordt.
  • Een aparte registratie van testpartijen en samples, met een aantekening of deze verkocht worden of uitsluitend intern gebruikt worden.
  • Een dossier met de definities uit artikel 2 van de ESPR, aangevuld zodra de productgroep-specifieke gedelegeerde handeling voor banden gepubliceerd wordt — zie ook de achtergrond bij wat een gedelegeerde handeling is en waarom die bepaalt wat er van u verwacht wordt.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.