Wie maakt het paspoort van banden die op een nieuw voertuig zitten?
De bandenfabrikant stelt het paspoort samen, niet de autofabrikant
Het productpaspoort van een band wordt gemaakt door de fabrikant of importeur van die band, ook als de band al af-fabriek op een nieuw voertuig gemonteerd zit. De band blijft in de ESPR-systematiek een eigen product met een eigen paspoorplicht, ongeacht of hij los wordt verkocht aan een garage of gemonteerd wordt bij de assemblage van een auto. De autofabrikant monteert de band, maar is niet degene die de onderliggende gegevens over materialen, herkomst en prestaties van de band aanlevert — dat doet de partij die de band heeft geproduceerd of geïmporteerd. Voor een importeur, groothandel of wagenparkbeheerder betekent dit dat de vraag "wie maakt het paspoort" in de praktijk altijd terugvalt op de band zelf, niet op het voertuig waarop hij zit.
Voor originele en vervangingsbanden, niet voor het voertuig als geheel
Dit onderscheid geldt voor de band als product, of die nu als "original equipment" (OE) direct bij de assemblage van het voertuig wordt gemonteerd, of als vervangingsband achteraf wordt verkocht. In beide gevallen is de band die valt onder de toekomstige gedelegeerde handeling voor banden, degene die een paspoort krijgt — gemaakt door wie de band op de markt brengt. Het gaat hier nadrukkelijk niet over het paspoort van het voertuig zelf: een auto, bestelwagen of andere voertuigcategorie kent een eigen kader en eigen verplichtingen, die hier niet worden behandeld. Ook gaat het niet over andere onderdelen van het voertuig die mogelijk onder een ander product vallen. De afbakening ligt dus bij het product "band", los van waar en wanneer hij gemonteerd wordt.
Nog geen vaste datum, verwacht rond 2029
Er is nog geen vaste ingangsdatum voor de paspoortplicht van banden. Het werkplan van de ESPR voor de periode 2025-2030 noemt 2027 als verwacht moment waarop de gedelegeerde handeling voor banden wordt vastgesteld. Pas na publicatie van die handeling volgt de daadwerkelijke datum waarop bandenfabrikanten en -importeurs een paspoort moeten leveren; op basis van de huidige planning wordt rond 2029 verwacht dat die verplichting ingaat, maar dit staat dus nog niet vast. Tot die tijd geldt er geen wettelijke plicht om voor banden — los of gemonteerd op een nieuw voertuig — een digitaal productpaspoort te maken. Zodra de gedelegeerde handeling is gepubliceerd, wordt de datum hier bijgewerkt.
Wat dit voor de praktijk betekent
Voor wie banden importeert, doorverkoopt of een wagenpark beheert, is de volgorde van handelen simpel te schetsen. Eerst: nagaan of de banden die worden ingekocht of beheerd onder de komende regeling vallen — dat betreft de bandencategorieën die in de gedelegeerde handeling worden aangewezen, zodra die bekend zijn. Vervolgens: bij aankoop van nieuwe voertuigen met gemonteerde banden, navragen bij de leverancier van het voertuig of bij de bandenfabrikant zelf welke partij de gegevens over die band beheert — dat is in de regel niet de voertuigfabrikant. Tot slot: geen actie ondernemen op basis van een datum die nog niet vaststaat, maar wel alvast in kaart brengen welke bandenmerken en -typen in het eigen inkooppakket of wagenpark voorkomen, zodat bij publicatie van de gedelegeerde handeling snel duidelijk is welke paspoorten relevant worden. Voor bandenimporteurs die zelf als eerste partij een band in de EU op de markt brengen, ligt de rol van "samensteller van het paspoort" het meest voor de hand, ook wanneer die band vervolgens door een derde partij op een nieuw voertuig wordt gemonteerd.
Waar dat staat: artikel 27 en artikel 38 van de ESPR
Dit volgt uit de systematiek van Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR). Artikel 27 beschrijft de verplichtingen van fabrikanten: zij zijn verantwoordelijk voor het samenstellen en actueel houden van de productinformatie die in het paspoort komt, voor het product dat zij vervaardigen of onder hun naam op de markt brengen — in dit geval de band. Artikel 38 regelt de vereisten voor actoren in de toeleveringsketen: partijen die een product met een paspoort verwerken in een groter geheel, zoals een voertuigfabrikant die banden monteert, krijgen daarmee te maken met de doorgifte en het gebruik van die paspoortgegevens, zonder dat de kernverplichting om het paspoort te maken naar hen verschuift. Dat onderscheid tussen "fabrikant van het product" en "actor die het product verder verwerkt" is de reden waarom de band, ook gemonteerd op een nieuw voertuig, zijn eigen paspoort en zijn eigen verantwoordelijke partij behoudt.
Wie nu al wil voorsorteren, kan het beste vastleggen welke bandenleveranciers en -typen in het eigen inkoop- of wagenparkbestand voorkomen, en de eigen bandenleverancier vragen of er al voorbereidingen lopen richting een digitaal paspoort — zodat er bij publicatie van de gedelegeerde handeling geen tijd verloren gaat aan het achterhalen van basisgegevens.
Waar dit op gebaseerd is
- Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), artikel 27 (verplichtingen van fabrikanten)
- Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), artikel 38 (vereisten voor actoren in de toeleveringsketen)
De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
Wat er van u wordt verwacht
Banden die op een nieuw voertuig zitten, zijn een apart geval. De band zelf blijft een product met een eigen paspoortplicht, maar de band wordt tegelijk onderdeel van een groter geheel: het voertuig. Dat roept bij importeurs en groothandels vaak de vraag op wie hier nu eigenlijk verantwoordelijk is voor het paspoort — de bandenfabrikant, of de voertuigfabrikant die de banden monteert.
De bandenfabrikant blijft aan zet voor de band als product
De verplichtingen voor fabrikanten uit artikel 27 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) liggen bij degene die de band produceert en op de markt brengt. Dat verandert niet omdat die band vervolgens gemonteerd wordt op een nieuw voertuig. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers dat banden importeert of produceert, betekent dit dat de eigen paspoortverplichting los staat van de vraag of de band los verkocht wordt of als originele uitrusting op een auto, bus of vrachtwagen. De band draagt zijn eigen paspoort, met zijn eigen gegevens, ongeacht de bestemming.
De positie in de toeleveringsketen bepaalt wat u aanlevert
Wanneer een bandenfabrikant of -importeur banden levert aan een voertuigfabrikant, ontstaat een schakel in de toeleveringsketen zoals bedoeld in artikel 38 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781). Dat artikel regelt wat actoren in die keten aan elkaar moeten kunnen doorgeven, zodat de informatie die nodig is voor het paspoort niet verloren gaat tussen de bandenfabriek en de assemblagelijn van de voertuigbouwer. Voor een bandengroothandel of -importeur betekent dit praktisch dat de eigen productinformatie op een manier wordt aangeleverd die de voertuigfabrikant kan gebruiken — niet dat de bandenpartij zelf het voertuigpaspoort samenstelt.
Twee paspoorten, twee verantwoordelijken
Een nieuw voertuig krijgt op termijn mogelijk zijn eigen productpaspoort, apart van het paspoort van de band die erop gemonteerd is. Dat zijn twee verschillende documenten met twee verschillende verantwoordelijken: de voertuigfabrikant voor het voertuig, de bandenfabrikant of -importeur voor de band. Voor een bedrijf dat alleen banden levert aan de automotive-industrie, betekent dit dat er geen verplichting bijkomt om iets over het voertuig zelf te documenteren. De eigen scope blijft de band.
De gegevens moeten aansluiten op wat de band daadwerkelijk is
Omdat de band als origineel-uitrustingsonderdeel dezelfde technische identiteit heeft als een band die los verkocht wordt, geldt in de meeste gevallen dat dezelfde gegevens relevant zijn voor het paspoort. Welke gegevens dat precies zijn, staat beschreven op de pagina over welke gegevens er in het productpaspoort van banden komen. Voor een fabrikant die zowel los verkoopt als aan voertuigbouwers levert, betekent dit dat er in de praktijk gewerkt kan worden met één informatiebasis per bandtype, onafhankelijk van het verkoopkanaal.
Waar het misgaat in de praktijk
Een eerste situatie die vaak voorkomt: een bandenfabrikant gaat ervan uit dat de voertuigfabrikant "het wel regelt" omdat de band nu deel is van een auto. Dat is een misvatting — de paspoortplicht voor de band als product verdwijnt niet door montage op een voertuig.
Een tweede situatie: gegevens worden wel aangeleverd aan de voertuigfabrikant, maar in een vorm die niet aansluit op wat er nodig is voor een eigen paspoort van de band. Er wordt dan dubbel werk verricht zodra de band ook los op de markt komt, omdat de informatie niet herbruikbaar is opgeslagen.
Een derde situatie speelt bij bedrijven die banden zowel los verkopen als leveren aan voertuigbouwers: er ontstaan twee verschillende dossiers voor exact hetzelfde bandtype, met kleine onderlinge verschillen die achteraf niet meer te herleiden zijn tot de juiste versie.
Een vierde situatie: een importeur denkt dat de eigen rol als toeleverancier in de keten (artikel 38) hem ontslaat van de fabrikantverplichtingen (artikel 27), terwijl beide rollen naast elkaar kunnen bestaan wanneer dezelfde partij zowel band-fabrikant als toeleverancier aan de auto-industrie is.
Een vijfde situatie: er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de vraag of de band onder de ESPR valt als zelfstandig product — die vraag wordt beantwoord op de pagina over welke producten van de bandenbranche onder de ESPR vallen — en de vraag wie in de toeleveringsketen welke informatie doorgeeft. Dat zijn twee aparte vragen die door elkaar gehaald worden, met als gevolg dat niemand in de keten zich verantwoordelijk voelt voor het paspoort van de band zelf.
Wat u kunt vastleggen
- Een overzicht van welke banden als origineel-uitrusting geleverd worden aan welke voertuigfabrikanten, en welke van diezelfde bandtypen ook los op de markt komen.
- Een vaste dataset per bandtype (technische specificaties, materiaalsamenstelling, herkomst) die zowel dient als basis voor het eigen paspoort als voor de informatie die wordt doorgegeven aan een voertuigfabrikant onder artikel 38.
- Een interne afspraak over wie binnen het bedrijf verantwoordelijk is voor het actueel houden van die dataset, zodat een wijziging in de band niet in het ene dossier wordt bijgewerkt en in het andere niet.
- Correspondentie of contractuele afspraken met voertuigfabrikanten over de vorm waarin gegevens worden aangeleverd, zodat later aantoonbaar is welke informatie op welk moment is gedeeld.
- Een verwijzing naar de eigen status als fabrikant of importeur — die status bepaalt of, en zo ja hoe, het productpaspoort voor de eigen banden geldt, en die bepaling is los te leggen van de vraag of de band uiteindelijk op een nieuw voertuig terechtkomt.
- Documentatie van de eigen rol in de toeleveringsketen: is het bedrijf hier fabrikant, importeur, of alleen leverancier van onderdelen aan een andere fabrikant — dat onderscheid is relevant zodra de verplichtingen uit artikel 27 en artikel 38 tegelijk in beeld komen.
Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.