tyrepas.eu

waar moet ik op letten bij het kiezen van een platform voor het productpaspoort

Op drie dingen letten: opslag, koppeling en houdbaarheid

Bij het kiezen van een platform voor het productpaspoort komt het in de kern neer op drie vragen: waar en hoe lang worden de gegevens bewaard, hoe wordt het paspoort gekoppeld aan het product, en wat gebeurt er als de leverancier zelf stopt of wordt overgenomen. De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) beschrijft in artikel 10 en artikel 11 een aantal vereisten waaraan een digitaal productpaspoort moet voldoen — over toegankelijkheid, over de datadrager, over wie welke gegevens mag inzien of wijzigen. Een platform dat deze zaken op orde heeft, is een logisch startpunt. Een platform dat er vaag over blijft, verdient een kritische blik, ook als de rest van het aanbod aantrekkelijk lijkt.

Voor bandenimporteurs en groothandel, niet voor de eindgebruiker

Deze afweging speelt vooral bij de partij die verantwoordelijk is voor het samenstellen en publiceren van het paspoort: de fabrikant, of degene die namens de fabrikant optreedt, zoals een importeur. Wagenparkbeheerders en andere gebruikers van banden kiezen zelf geen platform — zij lezen het paspoort dat er al is, bijvoorbeeld om te checken wat het bandenpaspoort voor het wagenpark oplevert. Voor hen is de keuze van de leverancier geen thema.

Wat hier ook niet bij hoort: de vraag of een platform verplicht is. Er is geen wettelijke plicht om voor een bepaald platform te kiezen, en de ESPR schrijft geen specifieke aanbieder voor. Wat de verordening wél vastlegt, zijn eisen aan het resultaat — toegankelijkheid, koppeling met een datadrager, structuur van de gegevens — niet aan de manier waarop een bedrijf dat organiseert. Een bedrijf met meerdere vestigingen kan daarbij overigens met één paspoort per product werken over vestigingen heen; zie hoe meerdere vestigingen één productpaspoort kunnen beheren voor wat daarbij van belang is.

Nog geen wettelijke verplichting, dus nog geen verplichte keuze

Er geldt op dit moment geen concrete verplichting om al een productpaspoort voor banden te hebben. De gedelegeerde handeling die dit voor banden specifiek regelt, moet nog gepubliceerd worden; het ESPR-werkplan 2025-2030 noemt 2027 als verwachte periode daarvoor, en tot die tijd staat er geen harde ingangsdatum vast voor deze pagina. Zodra die datum bekend is, wordt die hier vermeld.

Tot die tijd is er geen verplichting om nu al een leverancier te kiezen — maar een keuze maken kan wel, en heeft praktische voordelen als het rustig gebeurt in plaats van onder tijdsdruk. Wat er in de tussentijd wél te doen is zonder op de definitieve regels te wachten, staat beschreven op wat u nu al kunt doen terwijl de regels nog niet definitief zijn.

Eerst de basisvragen, dan pas de prijsvergelijking

De eerste vraag om te stellen is hoe lang het platform de gegevens bewaart en toegankelijk houdt, want een productpaspoort moet gedurende de relevante periode raadpleegbaar blijven — dat is geen kwestie van een jaar of twee, maar een aanzienlijk langere periode. Vraag concreet naar het aantal jaren dat is toegezegd, en wat er gebeurt met de data als het platform zelf ophoudt te bestaan of wordt overgenomen door een ander bedrijf.

De tweede vraag betreft de datadrager: hoe wordt de QR-code of andere drager aangemaakt, gekoppeld aan het specifieke product of de productgroep, en wie is verantwoordelijk als die drager beschadigd raakt of onleesbaar wordt. Artikel 11 van de ESPR gaat in op het technisch ontwerp en de werking van die datadrager, en een leverancier zou hierover een helder antwoord moeten hebben, niet alleen een technische demo.

De derde vraag is wie toegang heeft tot welke gegevens, en hoe dat wordt afgeschermd. Artikel 10 beschrijft vereisten rond onder meer toegankelijkheid voor verschillende partijen — toezichthouders, marktdeelnemers, mogelijk consumenten — en een platform zou moeten kunnen uitleggen hoe dat onderscheid in de praktijk werkt. Dit sluit aan bij de vraag of eigen klanten straks zelf gegevens kunnen inzien voordat ze een aankoop doen; zie of klanten de gegevens van het productpaspoort kunnen checken voordat ze kopen.

Daarna volgen de praktische zaken: hoe wordt het paspoort samengesteld uit de eigen productgegevens, wat kost dat per product of per batch, en hoe verhoudt zich dat tot de eigen administratie. Een overzicht van de kostenposten die daarbij meespelen staat op wat een productpaspoort voor banden kost. Ook is het verstandig om te vragen hoe een platform omgaat met een eventuele terugroepactie, want een goed gekoppeld paspoort kan daarbij een rol spelen — meer daarover staat op hoe het productpaspoort helpt bij een terugroepactie van banden. En onafhankelijk van welk platform wordt gekozen, blijft het verstandig om zelf een kopie van de onderliggende gegevens te bewaren; wat daarbij te overwegen is, staat op of een eigen back-up van de paspoortgegevens nodig is.

De grond hiervoor: artikel 9, 10 en 11 van de ESPR

Artikel 9 van de ESPR introduceert het digitaal productpaspoort als verplicht element voor productgroepen die onder een gedelegeerde handeling vallen. Artikel 10 werkt de vereisten uit waaraan het paspoort moet voldoen, waaronder toegankelijkheid en de structuur van gegevens. Artikel 11 beschrijft het technisch ontwerp en de werking van de datadrager waarmee het paspoort wordt ontsloten. Deze drie artikelen samen vormen het kader waarbinnen elk platform — ongeacht de aanbieder — moet functioneren, en ze zijn daarom het uitgangspunt bij het beoordelen van een leverancier, ook voordat de gedelegeerde handeling voor banden er is.

Wie nu al wil starten, kan het beste beginnen met de bewaartermijn en de koppeling met de datadrager als eerste twee vragen aan elke kandidaat-leverancier, en dat combineren met een blik op de stap-voor-stap aanpak voor het productpaspoort voor banden om te zien hoe de keuze van een platform in het grotere proces past.

Wat u concreet moet doen

Het digitale productpaspoort is straks niet iets dat een bedrijf zelf van de grond af opbouwt. De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) beschrijft wat een paspoort moet kunnen en aan welke technische eisen het moet voldoen, maar laat de uitvoering over aan de marktdeelnemer. In de praktijk betekent dat: een platform kiezen dat de gegevens verzamelt, opslaat en ontsluit via een QR-code of vergelijkbare datadrager. Die keuze ligt bij het bedrijf zelf, en de kwaliteit van die keuze bepaalt of het paspoort over jaren nog werkt zoals het moet.

Wat er van u wordt verwacht

Toegankelijkheid gedurende de volledige periode

Artikel 10 van de ESPR stelt eisen aan de toegankelijkheid van het digitale productpaspoort: de gegevens moeten beschikbaar blijven voor de partijen die daar recht op hebben, gedurende de periode die voor de productgroep geldt. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit vooral een vraag over continuïteit: blijft het platform bestaan, en wat gebeurt er met de gegevens als de leverancier stopt, wordt overgenomen, of het contract afloopt. Dat is geen juridische vraag maar een operationele: een paspoort dat na vijf jaar niet meer opvraagbaar is, voldoet niet aan wat er wordt verwacht, ongeacht wie daarvoor verantwoordelijk was.

Technisch ontwerp dat aansluit op de eisen van artikel 11

Artikel 11 van de ESPR beschrijft het technisch ontwerp en de werking van het digitale productpaspoort: hoe de datadrager (zoals een QR-code) werkt, hoe gegevens worden gekoppeld aan een uniek productidentificatienummer, en hoe interoperabiliteit met andere systemen is geborgd. Voor een importeur of groothandel betekent dit dat niet elk platform vrij is om dit naar eigen inzicht in te richten. Een leverancier die geen antwoord heeft op hoe zijn systeem aansluit op deze technische eisen, legt het risico bij het bedrijf dat het paspoort laat opstellen.

Verantwoordelijkheid voor de inhoud blijft bij de marktdeelnemer

Artikel 9 van de ESPR maakt duidelijk dat het digitale productpaspoort informatie bevat over het product, en die informatie komt van de fabrikant, importeur of andere marktdeelnemer in de keten. Een platform kan die gegevens verzamelen en tonen, maar de juistheid van de inhoud blijft een verantwoordelijkheid van degene die de gegevens aanlevert. Dat betekent dat een leverancier kiezen niet betekent dat de verantwoordelijkheid mee verhuist. Wie dat verwart, loopt het risico bij een controle te ontdekken dat de aansprakelijkheid toch bij het eigen bedrijf ligt. Wat een toezichthouder bij zo'n controle precies opvraagt, staat beschreven op wat vraagt een toezichthouder bij een controle op banden?.

Waar het misgaat in de praktijk

Een eerste situatie: een bedrijf sluit een contract met een platform dat na twee jaar stopt met de dienst, zonder dat er een exportmogelijkheid voor de opgeslagen gegevens was afgesproken. De QR-codes op verkochte banden verwijzen dan naar een pagina die niet meer bestaat.

Een tweede situatie: de leverancier belooft "volledige naleving van de ESPR", maar kan niet uitleggen hoe het platform omgaat met het unieke productidentificatienummer uit artikel 11. Bij een controle blijkt de koppeling tussen fysiek product en digitaal paspoort niet eenduidig te zijn.

Een derde situatie: een groothandel met meerdere vestigingen sluit per vestiging een apart contract af, met verschillende platforms, terwijl de producten dezelfde zijn. Dit levert dubbel werk op en inconsistente gegevens tussen vestigingen. Of en hoe meerdere vestigingen van een bedrijf hetzelfde productpaspoort kunnen beheren, is dan ook iets om vooraf uit te zoeken, niet achteraf te repareren.

Een vierde situatie: een bedrijf gaat ervan uit dat het platform automatisch een kopie van de gegevens bewaart en stopt met eigen archivering. Als het platform later gegevens wijzigt of verwijdert zonder dat te melden, is er geen eigen bewijs meer van wat ooit is aangeleverd. Zie hierover ook de vraag of zelf een kopie bewaren van de gegevens in het productpaspoort verstandig is.

Een vijfde situatie: bij de aanschaf van een platform wordt alleen gekeken naar de prijs per paspoort, zonder te kijken naar wat er gebeurt bij een recall. Een platform dat geen functionaliteit heeft om snel te communiceren met houders van een specifiek paspoort, is bij een terugroepactie weinig waard. Hoe het paspoort daarbij wél kan helpen, staat beschreven op helpt het productpaspoort bij een recall van banden en hoe werkt dat.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van de technische eisen uit artikel 10 en artikel 11 van de ESPR, afgezet tegen wat de kandidaat-leverancier daadwerkelijk aanbiedt — niet wat de leverancier claimt te bieden, maar wat concreet is getoetst.
  • Afspraken over gegevensoverdracht bij einde van het contract: hoe en in welk formaat de opgeslagen gegevens kunnen worden geëxporteerd als er wordt overgestapt naar een andere leverancier.
  • Een vastgelegde verantwoordelijkheidsverdeling tussen het eigen bedrijf en het platform: wie is verantwoordelijk voor de juistheid van de brongegevens, en wie voor de technische beschikbaarheid.
  • Een interne kopie of exportroutine van alle aangeleverde gegevens, onafhankelijk van wat het platform zelf bewaart.
  • Een overzicht van de vestigingsstructuur van het eigen bedrijf, zodat vooraf duidelijk is of één platform voor alle vestigingen werkt of dat losse contracten nodig zijn.
  • Een lijst met vragen voor kandidaat-leveranciers over continuïteit: wat gebeurt er bij overname, faillissement, of stopzetting van de dienst.

Wie deze keuze wil plaatsen binnen de bredere aanpak, vindt een overzicht van de opeenvolgende stappen op hoe pak ik het productpaspoort voor banden stap voor stap aan?, en een indicatie van de kosten die met een platformkeuze samenhangen op wat kost een productpaspoort voor banden?. Omdat de gedelegeerde handeling voor banden nog niet is gepubliceerd, is dit ook een goed moment om te kijken naar wat u nu al kunt doen terwijl de regels nog niet definitief zijn — de keuze van een leverancier hoeft niet te wachten op de definitieve datum, de voorbereiding wel kan al starten.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.